Het Engels is niet de eerste taal waarmee men het dichterlijke universum van het lied vereenzelvigt: vooral met het Duits, wegens het onuitputtelijke romantische repertoire, maar ook met het Frans is de luisteraar het meest vertrouwd. Toch bestaat er een uitgebreid repertoire Engelse en Amerikaanse liederen, dat de esthetische invloed onderging van het impressionisme en het symbolisme, twee Franse stijlen die in zwang waren in de overgangsjaren van de 19e eeuw naar de 20e eeuw. De vier componisten die in dit concertprogramma zijn opgenomen, zijn wellicht de beste vertegenwoordigers van deze Engelse school.
De Amerikaanse componist Charles Ives schrijft het gros van zijn liederen vóór 1922. De meeste teksten zijn van de hand van de componist of diens echtgenote, Harmony Twichell. In 1922 maakt Charles Ives de inventaris van zijn liederen op en verzamelt hij de beste in een bundel, die hij de titel 114 songs meegeeft en aan zijn vrienden opdraagt. Vreemd genoeg was Ives geen professioneel musicus in de hedendaagse zin van het woord: hij was eigenaar en verantwoordelijke van een verzekeringsmaatschappij en wijdde slechts zijn verloren uren aan zijn muzikale passie. Desondanks wordt Ives vandaag als de grootste Amerikaanse componist van de 20e eeuw beschouwd. Memories (1897) is zonder twijfel de bekendste vocale partituur van Charles Ives. In twee erg contrastrijke delen geeft het lied weer hoe twee vrienden een glaasje te veel ophebben wanneer ze naar de opera gaan.
Barber, die andere Amerikaanse grootmeester, is de auteur van een veertigtal neoklassieke liederen – de stijl die hij zijn hele oeuvre trouw blijft. Solitary Hotel (Eenzaam hotel), een lied op een tekst van James Joyce, behandelt het thema van de eenzaamheid, net zoals het hele opus 41 trouwens. Sure on this shining night (Zeker in deze stralende nacht) is een canon geschreven op een tekst van de romanschrijver James Agee. I hear an army (Ik hoor een leger), weerom op een tekst van Joyce, is een duivelse rit te paard, die door enkele schaarse woorden wordt onderbroken: Mijn hart, waarom wanhoop je zo? Schuilt er dan geen enkele wijsheid in jou?
Liederen en opera vormen de kern van het oeuvre van Benjamin Britten. Zijn muzikale gedachtegoed is geïnspireerd op de sensuele en emotionele aspecten van de menselijke stem, maar ook op de tekstkeuze. Wanneer hij zijn eerste liederen schrijft, inspireert hij zich op de beste Europese auteurs, in welke periode ze ook leefden en welke taal ze ook spraken. Britten verzamelt zijn liederen in bundels, die geen volwaardige cycli zijn maar toch een zekere coherentie vertonen door de aanwezigheid van muzikale of poëtische gelijkenissen. De bundel Winter Words (Winterwoorden), op teksten van Thomas Hardy, wordt in 1953 gecreëerd door de componist en zijn vriend, de tenor Peter Pears. Aan de hand van pittoreske, ogenschijnlijk onbeduidende tafereeltjes, wordt de tegenstelling belicht tussen de verdorven wereld en de onschuld van het kind, een thema dat Britten erg dierbaar is.
Doordat hij in Parijs bij Nadia Boulanger in de leer gaat, ondergaat Copland de invloed van de Franse impressionisten. In het tweede deel van zijn carrière meet hij zich een neoklassieke stijl aan. Door thema’s te gebruiken uit de periode van de Amerikaanse pioniers, wordt hij razend populair. Zijn twee liedbundels geeft hij de titel Old american songs (Oude Amerikaanse liederen) mee. Ze dateren respectievelijk uit 1950 en 1952 en zijn doordrongen van zijn latere, neoklassieke stijl. Het gaat eerder om bewerkingen van volksliederen dan om volwaardige composities van eigen hand. In deze muziek hoort men de banjo doorklinken, de muziek van de saloons, de liederen van cowboys en van in het zwart geklede dominees, predikend over de heerlijkheden van het hemels paradijs.
Claude Jottrand vertaling : Veerle Lindemans
|
Charles Ives (1874-1954) Memories nr.102
Samuel Barber (1910-1981) Solitary Hotel, op.41
Sure on this Shining Night, op.13
I Hear an Army, op.10
Benjamin Britten (1913-1976) Winter Words, op.52 At Day-close in November Midnight on the Great Western Wagtail and Baby The little old Table The Choirmaster's Burial Proud Songsters Proud Songsters Before Life and after
Aaron Copland (1900-1990) At the River (Old American Songs II)
I bought me a Cat (Old American Songs I)
Ching-A-Ring Chaw (Old American Songs II)
|